Zo maak je gecontroleerd vluchten in de zorg mogelijk

maandag 8 juni 2026

Het mogelijk maken van gecontroleerd vluchten in de zorg is complex. In kantoren of winkels is het uitgangspunt helder: bij een calamiteit moet iedereen zo snel mogelijk naar buiten kunnen. Vluchtroutes zijn vrij toegankelijk en deuren moeten direct openen.

In zorginstellingen ligt dit anders. Bewoners zijn vaak niet volledig zelfredzaam en afhankelijk van zorgmedewerkers. Tegelijkertijd kan er sprake zijn van wegloopgedrag. Deuren die altijd open kunnen, brengen in de praktijk daarom niet altijd de gewenste veiligheid met zich mee. Zo ontstaat een spanningsveld: wat in een noodsituatie wenselijk is, kan in het dagelijks gebruik juist risico’s opleveren.

Daar komt bij dat zorginstellingen wonen, zorg en begeleiding combineren. Bewoners bewegen zich anders door het gebouw, reageren anders op situaties en hebben regelmatig begeleiding nodig bij verplaatsingen. Ook verschilt de context continu, bijvoorbeeld tussen dag en nacht of afhankelijk van de personele bezetting. De vraag is dus niet alleen hoe mensen kunnen vluchten, maar ook hoe je de situatie dagelijks veilig en beheersbaar houdt.

Regelgeving en normen

Zorginstellingen die gecontroleerd vluchten mogelijk willen maken, kunnen zich baseren op verschillende wetten en regels. Denk aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), dat eisen stelt aan vluchtwegen en nooduitgangen. Daarnaast speelt de Wet zorg en dwang (Wzd), die het gebruik van vrijheidsbeperkende maatregelen beperkt.

In de praktijk sluiten standaardregels echter niet altijd goed aan op de zorgomgeving. Daarom verschuift de focus steeds vaker van regelgericht naar veiligheidsgericht denken. Binnen de ruimte die wet- en regelgeving biedt, ontstaan oplossingen die beter passen bij de dagelijkse zorgsituatie.

Ook normen spelen hierin een belangrijke rol. Zo biedt de NEN-EN 13637 nieuwe mogelijkheden voor het gecontroleerd openen van vluchtdeuren. In plaats van altijd direct te ontgrendelen, kunnen deuren onder voorwaarden gecontroleerd functioneren, terwijl ze bij een calamiteit alsnog direct en veilig openen.

Vluchten zorg

Bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen in samenhang

Om die complexiteit beheersbaar te maken, wordt vaak gewerkt met de BIO‑driehoek: een model waarin bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen samenkomen.

In de praktijk betekent dit dat deze drie pijlers altijd met elkaar samenhangen. Pas wanneer ze goed op elkaar zijn afgestemd, ontstaat een oplossing die niet alleen voldoet aan de regelgeving, maar ook werkt in de dagelijkse zorgpraktijk.

Installatietechnische maatregelen spelen daarin een belangrijke rol. Denk aan stille alarmering en toegangscontrole, waarmee zorgmedewerkers situaties beter kunnen overzien en gericht kunnen handelen zonder onnodige onrust te veroorzaken. Ook bij nooddeuren ontstaan nieuwe mogelijkheden. Deuren kunnen gecontroleerd functioneren in het dagelijks gebruik, maar bij een calamiteit direct openen, in lijn met de uitgangspunten van de NEN-EN 13637.

Tegelijkertijd moeten bouwkundige maatregelen dit ondersteunen. In zorginstellingen draait vluchten vaak niet om snelheid, maar om controle. In plaats van direct naar buiten te gaan, worden bewoners vaak eerst verplaatst naar een veilig deel van het gebouw. Dit principe van horizontaal vluchten zorgt voor meer tijd en overzicht. Dat vraagt om voldoende ruimte voor begeleiding, routes die geschikt zijn voor hulpmiddelen en een indeling die veiligheid en leefbaarheid combineert.

Uiteindelijk zijn organisatorische maatregelen bepalend. Zorgmedewerkers moeten kunnen vertrouwen op duidelijke procedures en systemen die aansluiten op hun werk. Training, oefening en heldere afspraken zijn essentieel om in een noodsituatie goed te handelen. Als processen niet kloppen, werkt de rest ook niet.

Vluchten zorg

Alles moet samenwerken

Een goed vluchtconcept is dus meer dan een optelsom van maatregelen. Het werkt pas als bouwkundige, installatietechnische en organisatorische aspecten op elkaar aansluiten én als medewerkers en bewoners er intuïtief mee kunnen omgaan.

Wie gecontroleerd vluchten in de zorg goed wil inrichten, moet daarom verder kijken dan standaardoplossingen. Het vraagt om een aanpak waarin veiligheid, vrijheid en leefbaarheid in balans zijn. Door al in een vroeg stadium na te denken over scenario’s en samen te werken met alle betrokken partijen, ontstaat een oplossing die niet alleen voldoet aan de regels, maar ook werkt in de praktijk.

Dat maakt uiteindelijk het verschil: een omgeving waarin bewoners zich zo vrij mogelijk kunnen bewegen en tegelijkertijd veilig zijn, ook als het erop aankomt.

Wil je weten hoe wij jouw organisatie kunnen helpen bij jouw vluchtstrategie? Neem dan gerust contact met ons op via sales.acs@dormakaba.com of via +31 88 352 33 33.

Ga voor meer informatie over gecontroleerd vluchten in de zorg naar: www.dormakaba.nl/zorg. Daar kun je ook het whitepaper over dit thema downloaden, waarin we dieper ingaan op de BIO‑driehoek en de toepassing van bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen in de praktijk.